skip to content

Wetenswaardigheden over Wakken

  • Aantal inwoners: 2849
  • Oppervlakte: 536 ha klei, lemig, lichtgolvend landschap
  • Hoogteligging: 16 à 18 m aan de samenvloeiing van de Leie en de Mandel
  • Bevolkingsdichtheid: 522 inwoners per km²
  • Arrondissement Tielt, provincie West-Vlaanderen

Bevolkingsgegevens Wakken

  • Mannen: 1395
  • Vrouwen: 1406
  • Totaal: 2801

Bezienswaardigheden en wetenswaardigheden

Preekstoel

De driebeukige classicistische Sint-Pieter en Sint-Catharinakerk werd in 1790-1794 gebouwd. Hier wordt gediend tegen allerhande huidziekten, voornamelijk tegen het 'katrienewiel', waarover meer in de rubriek folklore en volksdevotie.Meester Koenraad Degroote verhaalt dat Wakken tot één van de oudste parochies van West-Vlaanderen behoort. In een charter dat berust in de St-Pietersabdij van Gent, vinden we de eerste vermelding van 791 terug. De oudste kerk, zoals ze te zien is op een gravure van Antonius Sanderus, betrof een Romaans gebouw met een achthoekige toren. Deze kerk werd in de loop der tijd te klein zodat ze nodig diende verruimd te worden. Graaf de Maldeghem-Wacken verkreeg van de abt het permis om op de grondvesten van de vervallen kerk een nieuw gebouw in classicistische stijl op te trekken. Dit alles dateert uit 1790. De nog bewaarde gevelstenen vooraan, buiten aan het kerkgebouw tonen ons de namen van de toenmalige beschermheren. De architect was Collin, die in Otegem een replica van Wakkens kerk neerpootte.

    Schilderijen in deze St-Pieter en Ste-Catharinakerk:
  • De Heilige Catharina van Alexandrië - 1671
  • De Onthoofding van de H.Catharina - 1860 - J; Rowijs (Brussel)
  • De verrijzenis van Christus - 1806 - Wakkense schilder Jan Baptiste Minne

In Wakken staat de classicistische Blauwvoetburcht.

In de Molenstraat staat het geboortehuis van Joris Van Severen, zoon van de notaris-burgemeester, leider en tevens stichter van het Verdinaso. Deze werd in 1940 zonder enige vorm van proces geëxecuteerd door dronken Franse soldaten. Met Achilles Mussche stichtte hij in 1921 het tijdschrift 'Ter Waarheid' en in 1931 richtte hij zijn buitenparlementaire beweging het Verdinaso op, die zich inzette voor een Grootnederlandse, Boergondische staat.

Hondius

Wakken is ook de geboorteplaats van cartograaf, drukker en humanist Joost de Hondt, alias Jodocus Hondius(1563-1612), naar wie ons plaatselijke culturele centrum werd genaamd. Hij publiceerde in 1594 zijn 'Theatrum Artis Scribendi', zijn boek met letter- en schrijfvoorbeelden. Vraag blijft of de rederijkers van 'De lelie' (1680) of 'De Catharinisten', wiens devies was 'Siet, het groeyd onbesproeyd', zijn lettervoorbeelden gevolgd hebben? Hoe zwak het rederijkerswerk in moderne oren klinken mag, toch hebben zij in grote mate geholpen om taal en literatuur in stand te houden.Wakken is daar een voorbeeld van. In de 19de eeuw verschenen hier zelfs twee weekbladen,o.m. 'de Schatkamer van de Vlaamsche lezer', een literair en cultureel georiënteerde periodiek. Sanderus vereerde hem met de bijnaam 'de Belgische Ptolemeus'.

Petrus Jodocus de Borghgrave, Wakkenaar, bakker en redenaar, schreef gedichten , onder meer Dood en onsrterfelijkheid (1758-1819). In zijn gedicht 'Ode aan de Vryheid' verschenen in het jaar 1790, het jaar van de Belgische Republiek, was híj de eerste die schuchter naar de Slag van Groeninge durfde verwijzen als voorbeeld en stimulans van de nationalistische wederopstanding.

Verriest

Hugo Verriest, invloedrijke cultuurflamingant, was van 1880 tot 1895 pastoor van Wakken Hij was een enorm geliefd figuur, die voornamelijk in tijden van epidemieën zich bij de arbeidersbevolking zeer verdienstelijk heeft gemaakt. In de tuin van de toenmalige pastorie kwamen vrienden hem regelmatig opzoeken. Zij verenigden zich in 'De Swighenden Ede', een genootschap van radicale flaminganten die zich inzetten voor de bewustwording van het Vlaamse volk. Hun blad: 'De Nieuwe Tijd'. Hugo was goed bevriend met de vader van de latere Verdinasoeider, Joris Van Severen: namelijk Edmond Van Severen, plaatselijke notaris en burgemeester. Hugo doopte Joris in 1894. Door plaatselijke politieke omstandigheden en na tussenkomst van de Wakkense kasteelheer baron Kervyn de Letterhove bij het bisdom, moest Hugo Verriest vertrekken uit zijn Wakkense parochie. Als eerbetoon aan deze historisch figuur werd aan het Wakkens kerkgebouw in 1984 een bronzen plakket onthuld door letterkundige André Demedts.

Kunstschilder Modest Huys(1874-1932) woonde van 1919 tot 1927 te Wakken.

Op de wijk Molenkouter staat de kapel OLV van Halle. Het beeld is een creatie van een zekere Van de Moortele uit Wielsbeke.

Onder de jongere auteurs werden hier de toneelschrijver Georges Van Vrekhem (1935) geboren en de dichter Gwij Mandelinck (1937). Over de kunst van de rederijkers en tevens over Erasmus en H. Conscience schreef de hoogleraar Gilbert Degroote (1914-1981) die uit Wakken afkomstig was.

Ook Wakkenaar in hart en nieren, schrijver en dorpsfilosoof: Luc Verbeke, stichter met André Demedts van het Komitee voor Frans-Vlaanderen in 1947 en samen met Gwij Mandelinck gehuldigd in Wakken met een gedenkplaat. Verder op de pagina zijn meesterlijk stukje poëzie 'Sneeuw van Vrede'.

Schrijfwijzen van de gemeentenaam

  • 870 Wackine
  • 1010 Wackinna
  • 1183 Wachines
  • 1351 Wackene
  • 1467 Wacken
  • 1915 Wakken

Folklore en volksdevotie

Catharina

Wat betreft de H. Catharinaverering hebben ze ook in Wakken een niet te versmaden aanhang. De strijd tegen het katienewiel krijgt nog een steuntje uit een niet onverwachte hoek. Door middel van haar gewijde trouwring gaat de moeder driemaal draaiend rond de ringworm of kringvormige huiduitslag, en bant op deze wijze de kwaal die binnen een sacrale cirkel waaruit ze niet meer wegkan en waar ze gedoemd is om te verdwijnen. Sommigen zijn van oordeel dat men best een vreemde trouwring gebruikt en daarbij degressief weesgegroetjes bidt (van 9 tot 1) ter ere van de H. Catharina. Dit gebruik heet het katrienewiel aftekenen.

Memori

Wakkegemnaars verwijten de Oostrozebeekse Halle-bedevaarters een gebrek aan discipline. Ze verkiezen daardoor, zij het dan minder talrijk, zelfstandig te pelgrimeren. Sinds het jaar 1704, toen een pestepidemie de streek teisterde, stapt de Gilde der Hallebedevaarders uit Wakken te voet naar het Brabantse Mariastadje. Ze vertrekken de vrijdagmorgen voor Pinksteren. Traditioneel brengen zij de nacht door bij een boer in Kester. In Pepingen wachten de busreizigers de voetgangers op en leggen samen de laatste kilometers af. In 1963 trok ouderdomsdeken Julien Vannieuwerkerke voor de 57e maal naar het Brabantse heiligdom. Op zondag 24 juni 1962 werden een nieuwe kapel en een nieuw beeld van O.L.V. van Halle op de Molenkouter plechtig ingezegend. Wakken is trots op zijn wagenspel ter ere van de Zwarte-Lievevrouw. Er werd zelfs een poëzieprijskamp uitgeschreven voor het beste gedicht, dat tijdens het Mariaspel zou worden voorgelezen.

Wakken liet vele zonen in de beide oorlogen. Een gedenkplaat aan de kerk herinnert er ons blijvend aan.

Uit de oude doos

In 791 wordt voor het eerst gewag gemaakt van Wakken 'in villa noncupante Wackinio', terwijl een wak eveneens een erg drassige plek betekende. Wakken is één van de zeven oudste parochies van West-Vlaanderen. In de middeleeuwen was het een stad zonder poorten, vandaar het gezegde 'het sluit als Wakken' of het sluit langs geen kanten. De heerlijkheid Wakken was bezit van de Heren van Harelbeke. Van 1480 tot 1707 was het de residentie van Antoon van Bourgondiën een bastaardzoon van Philips de Goede. De zoon van Antoon, ook Antoon, huwde in 1480 met de dochter van ridder Andries Andriessen, Heer van Wakken. In 1614 werd Wakken baronie en in 1626 graafschap. De familie Bourgondië-Wackene beheerde de heerlijkheid en het hof van Wackene van Gent tot 1707. Aangezien de heren van Wakken toezicht hadden op waters en waterijen rondom, kregen ze de spotnaam van Wakkense waterheren.

Chap'lier

In 1546 werd de St-Sebastiaangilde gesticht te Wakken door Adolf van Boergondië, heer van Wakken, en in hetzelfde jaar werd het erkend door Keizer Karel en met bijzondere privilegieën bedacht. In de jaren 1600 kende het gilde een periode van bloei. Het had een gildehuis dat door Sanderus geschetst werd. Het oudste van de bewaarde 'doodschuldboeken' dagtekent uit 1660. Omstreeks deze tijd telde het gilde een 85 leden. Er was dan slechts één vrouwelijk lid, maar van 1713 tot 1717 boekte men een inschrijving van 17 huisvrouwen van schutters als 'medezusters'. Het gildelokaal werd in 1795 door de staat aangeslagen en verkocht. De gilde leidde in de 19de eeuw een kwijnend bestaan. In 1880 was ieder kerkelijk karakter opgeheven. De oude gebruiken en regels werden afgeschaft, maar de gilde bleef bestaan.

De heerlijkheid Wakken was een oude baronnie van Vlaanderen, die lange tijd in het bezit was van de heren van Harelbeke. Jan van Harelbeke, ridder, heer van Lambeke, Wakken en Deerlijk, gaf de heerlijkheid met nog andere bezittingen als bruidschat aan zijn dochter Margaretha van Harelbeke toen zij huwde met Jan Wuyterzwane, ridder, heer van Herdershem. Philippe Wuyterzwane, heer van Wakken en Sombeke, en zijn dochter Louisa van Praet van Moerkerke, verkochten de heerlijkheid aan Andries Andriessen, ridder en diens vrouw Agnes van Haveskerke. Van 1480 tot 1707 was Wakken de residentie van een tak van de Boergondiërs, namelijk Antoon van Boergondië en 'groot-bastaard' wiens buitenechtelijke zoon, Antoon II met de dochter van van Andries was gehuwd. Adolf van Boergondië, zoon van Antoon II was goeverneur van Zeeland, burgemeester van 't Vrije, Vice-Admiraal van Vlaanderen, groot-baljuw van Gent en buitengewoon afgezant van koning Filips II. Het kasteel van Wakken was een echt paleis met parken omgeven.Grootse feesten en ontvangsten hadden er plaats.In 1614 werd de heerlijkheid Wakken tot baronnie en in 1626 tot graafschap verheven.

Betekenis van de gemeentenaam: Verschueren meent: 'wack-hem', wat zou betekenen : vochtige woonplaats. Dassonville meent dat 'Wackinna' een romaanse meervoudsvorm is met als betekenis: grond behorend tot iets dat de naam draagt beginnend met 'wak'. Ofwel een persoonsnaam, ofwel een riviersnaam.

Baliekouter

De Baliekouter behoorde tot de heerlijkheid Wakken ten tijde van de Bourgondiërs. Zij beheerden alle landerijen en ontvingen er met grote luister de gasten. Aan de grens met Markegem was er een balie of een slagboom, waar elkeen tol diende te betalen om het domein van de heer te betreden.