|
Uit de oude doos
Te Dentergem werd er een grote hoeveelheid eiken
palen gevonden, overblijfselen van een oud paaldorp. De mening werd
vooropgezet dat dit paaldorp ononderbroken bewoond werd vanaf het
neolitisch tijdperk tot in de eerste eeuwen van onze tijdsrekening.
Tijdens de opgravingen heeft men beenderen blootgelegd van huisdieren
van de voorhistorische bewoners: rund, geit, varken en paard. Ook
beenderen van wilde dieren: hert, wolf en beer. Verder werden er ook
scherven van aardewerk gevonden van aardewerk in halfgebakken klei; De
oude heerlijkheid Dentergem behoorde toe aan de heren die er hun naam aan
hebben ontleend. Leberthus leefde in 1035. Hij of zijn naamgenoot wordt
nog vermeld tot 1195.In de 13e eeuw treffen wij Dancelus, Joannes,
Wilhelmus en Daniël van Dentergem aan. De naam van Pieter van der
Zype wordt o.m. aangetroffen in 1391. Hij was ridder, heer van Dentergem,
en wordt in het hjaar 1398 als gouverneur van Rijsel vermeld. Zijn
echtgenote was Maria van Diksmuide. Antoon del Rio, schildknaap, heer van
Dentergem, schepen van het Brugse Vrije, werd in 1622 ridder geslagen.
Cornelius de la Flaye, heer van Dentergem stierf in 1678.
Het
land van Dentergem ging over naar de familie de Gruutere. In 1606 was
Maria-Florentina de Gruutere in het huwelijk getreden met Filip Lanchals.
Anna-Isabella Lanchals, barones van Eksaarde, bracht Dentergem als
huwelijksift aan jonkheer Jan-Frans van Kerkhove. Hun zoon, eveneens Jan-Frans
geheten, droeg de naam: van Kerkhove van Dentergem. Hij was heer van de
parochie Dentergem en stierf in 1756.
'Gewis, er is nergens geene Gemeente waar de Kerk zoo weinig voldoende
is, waer de kleinheid derzelven zoo vele ongemakken oplevert dan te
Denterghem" -- dit schreef Ignace Vercruysse (1823-1853),
Dentergems pastoor over zijn eigenste kerkgebouw. In twee jaar tijd
bouwde aannemer Goeminne uit Kruyishoutem, met Pierre Croquison als
architect het neogotische kerkgebouw voor de prijs van 61.800 francs.
(13 november 1854-29 september 1856). Het grondvlak is een perfect
Latijns kruis.
Over
de kerk van Dentergem in de vroegere eeuwen zijn weinig gegevens bewaard
gebleven. het gebouw, dat in 1854 gesloopt werd om plaats te maken voor de
huidige kerk (dit onder pastoor Scherpereel Norbert (1853-1896)),bestond uit een hoofdbeuk en een afhankelijke zijbeuk onder
lessenaarsdak ('onderlat'). De laat-gotische geveltoren van deze kerk werd
evenwel bewaard. Onder de priesters van Dentergem vermelden wij: Sigerus
(1206) en Joos van Dentergem (1467). Het dorp heeft in de loop der eeuwen
zijn rampen gekend. Toen de Fransen in 1695 te Ingelmunster verslagen
werden, kwamen uiteengedreven soldaten Den,tergem plunderen. Ook in de
tijd van de Franse Revolutie werden de huizen geplunderd. De kerk werd
beschadigd en van haar klokken beroofd.
Tussen 1899 en 1902 werden te Dentergem op korte
afstand van elkaar twee moerasdorpen blootgelegd. Het eerste dateerde
uit het Neolithicum en de Bronstijd, het tweede daarentegen uit de
Ijzertijd. Dit tweede dorp werd de woonplaats van de lieden van
Dandihara. Etymologisch immers stamt de naam van de plaats af van het
Germaanse Dandiharinga (lieden van Dandihari) en van haim
(woning). In 1096 wordt het plaatsje Dentrengem genoemd. Ook de heerlijkheid schijnt zeer vroeg te zijn ontstaan.
Omstreeks het einde van de 12e eeuw was zij zeker in het bezit van de
St-Pietersabdij in Gent. De oudst gekende heren dragen allen de naam van
de heerlijkheid zelf. Na Diederik van Dentergem beheerde het
geslacht Van de Zype het leen. In de 16e eeuw volgden de geslachten van
Lichtervelde en van Gruutere elkaar op. In het begin van de 17e eeuw
kocht Ser Filips Lanchals ( heer van Olsene, Gottem en Straeten) de
heerlijkheid. Filips werd in 1616 geridderd en zijn zoon Maximiliaan
werd tot baron van Eksaarde verheven. Maximiliaans kleindochter huwde
Jan-Frans de Kerckhove. De zonen uit dit huwelijk waren de stamvaders
van de verschillende takken de Kerckhove. De tweede zoon, eveneens Jan-Frans
geheten, stichtte de tak de Kerckhove de Denterghem. Denterghem
werd geteisterd door verscheurend oorlogsgeweld, gepaard gaand met een
graankrisis (1693). In 1694 eiste een 'contagieuse sieckte' 187
doden, waaronder de pastoor. In 1695 werd de parochie platgebrand door
de Fransen omdat zij er een dag oponthoud leden door een hen vijandige
post. (vrij naar Marcel Delmottes, De Kasselrij
Kortrijk en de Gaverstreek, de grote Verliezers van de Negenjarige
Oorlog)

Roger de Kerckhove de Denterghem was in 1983 de erevoorzitter van de pas
opgerichte heemkundige kring De Paelwulghe.
Jan-Baptist Devenyn (1819-1866) werd te Dentergem geboren. Hij was er
gemeenteontvanger en schreef een aantal verhalen in romantische trant
zoals 'Isidoor' (1851), 'Het arme weesmeisje' (1852), 'De ontmoeting bij
de bron' (1864) en vooral 'De verwoesing van de Kerstenburg' (1854), een
verhaal uit de middeleeuwen, dat ook in het Frans werd uitgegeven.
Onze roemruchte parochievader, pastoor Louis Vanhoutte, die de Mariaverering in Dentergem jarenlang gestalte gaf en zijn
parochie tot zijn laatste adem begeesterde.
|